Column Beco: Onze nachtmerrie heet klimaatverandering

27 april 2020 (week 18 2020)

In 1896 ontdekte de Zweedse wetenschapper Svante Arrhenius voor het eerst dat de mensheid wereldwijde temperatuurstijging kan veroorzaken met de uitstoot van ‘broeikasgassen’. Een van deze gassen, CO2, heeft namelijk de eigenschap om warmte in de atmosfeer vast te houden. Later werd ontdekt dat ook andere broeikasgassen zoals methaan en lachgas deze eigenschap bezitten. Broeikasgassen absorberen de warmtestralen, die ontstaan door inkomende zonnestralen, en vertragen de snelheid waarmee deze warmte naar de ruimte ontsnapt. Zonder de aanwezigheid van broeikasgassen zou de temperatuur op aarde gemiddeld 18 graden onder nul zijn. 

Sinds het begin van de industriële revolutie is de concentratie van broeikasgassen sterk toegenomen. Wetenschappers hebben kunnen vaststellen dat dit onder andere het gevolg is van het verbranden van kolen, olie en gas, en het ontginnen van grote stukken bosgebieden. In de afgelopen jaren zijn verschillende voorspelde gevolgen van een verhoogde concentratie broeikasgassen in de atmosfeer door waarnemingen bevestigd. Zo is inmiddels vastgesteld dat er daadwerkelijk minder warmte richting de ruimte ontsnapt en meer warmte naar de aarde wordt teruggekaatst. Vast staat dus dat een verhoogde CO2-concentratie de aarde extra opwarmt. Wetenschappers hebben vastgesteld dat geen enkele andere natuurlijke oorzaak de recente extra opwarming van de aarde kan verklaren. Zo zou de opwarming van de aarde in theorie veroorzaakt kunnen zijn door een verhoogde zonneactiviteit. Metingen hebben echter uitgewezen dat de zonneactiviteit de afgelopen 35 jaar juist is verminderd. Ook van vulkaanactiviteit is vastgesteld dat deze niet tot de recente opwarming heeft kunnen leiden, maar in de laatste eeuw eerder een afkoelend effect heeft gehad. Alleen onze CO2-uitstoot verminderen kan helpen om de temperatuurstijging in te dammen. BECO levert je duurzaam opgewekte energie zonder CO2-uitstoot.